Mobiele werknemer nodig voor nieuwe instroom in agrofood en tuinbouw
02-04-2012 - De arbeidsmarkt in de agrofood- en tuinbouwsectoren dreigt de komende
jaren vast te lopen. Uit onderzoek blijkt dat het aandeel 55+-ers in deze
sectoren steeds sneller zal stijgen, terwijl de nieuwe instroom van jonge
werknemers stagneert. Om aantrekkelijk te blijven voor werknemers en
tegelijkertijd perspectief te kunnen bieden aan nieuwe instroom, is mobiliteit
en dus beweging noodzakelijk.
Nieuwsbrief namens de gezamenlijke productschappen*
Voldoende gekwalificeerde arbeidskrachten voor het agrofood- en
tuinbouwcluster zijn van levensbelang voor de continuïteit van deze voor de
Nederlandse economie zo belangrijke sectoren. Om goed beleid te kunnen
ontwikkelen op de arbeidsmarktproblematiek in de agrofood- en tuinbouwsectoren,
is een uniek onderzoek uitgevoerd in het kader van het Programma Arbeidsmarkt en
Opleiding. Dit onderzoek waarin voor het eerst binnen een sector grootschalig is
gekeken naar de bewegingen en motivatiefactoren op de arbeidsmarkt, is
uitgevoerd in opdracht van de gezamenlijke productschappen met ondersteuning van
het Ministerie van EL&I.
Uitkomsten Uit het onderzoek
blijkt dat werknemers in het agrofood- en tuinbouwcluster honkvast zijn. Daarbij
komen per leeftijdsgroep wel grote verschillen naar boven. Zo blijkt dat in de
leeftijdsgroep 55+ slechts 20% in de periode van 1999 tot 2007 van baan is
veranderd. Van de jongeren tot 25 jaar veranderde in dezelfde periode meer dan
70 procent van baan. Verder toont het onderzoek aan dat het agrofood- en
tuinbouwcluster niet homogeen is, werknemers stappen niet makkelijk of logisch
over van de ene naar de andere (deel)sector binnen het cluster. Medewerkers
lijken voor een belangrijk deel door toeval in te stromen in het agrofood- en
tuinbouwcluster waarbij ieders persoonlijke netwerk een belangrijke rol speelt.
Instroom van arbeidskrachten uit andere delen van het cluster is zeer beperkt.
De uitzendbranche is een belangrijke leverancier, en een groot deel van de
instroom wordt gevormd door mensen die geen baan hadden.
Mobiliteit begint bij de werknemer, maar kan niet
zonder werkgever De mobiliteit van werknemers kan volgens de
uitkomsten van het onderzoek in belangrijke mate worden gestuurd door de
werkgever. Het initiatief ligt bij de werknemers zelf, echter zij weten
onvoldoende wat zij kunnen doen om hun eigen arbeidsmarktpositie te verbeteren
Werkgevers hebben een belangrijke rol in het geven van duidelijke informatie
aan werknemers over de mogelijkheden nu en in de toekomst in de eigen
organisatie en daarbuiten. Verder kunnen werkgevers door duidelijke
beleidsbeslissingen over de ontwikkeling van de organisatie en door heldere
ondersteuning naar ander werk, bijdragen aan een gezond mobiliteitsbeleid in het
bedrijf. Dat is niet alleen in het belang van individuele bedrijven maar ook
voor de sector.
Regiogebonden
aanpak loont! Belangrijke randvoorwaarde bij het positief
beïnvloeden van de arbeidsmarkt is een regionale aanpak. Vaak is voor werknemers
namelijk de afstand tot werk en de verbondenheid met een regio belangrijker dan
de relatie met het agrofood- en tuinbouwcluster. Op dit moment worden daarom
in de regio’s Haaglanden, Gelderland Midden en Zuid Oost Brabant pilots opgezet.
Het algemene kader voor deze drie pilots is:
- Beginnen bij de werkgeversvraag
- Bijdragen aan perspectief voor werknemers
- Verbinden van spelers die waardevol (kunnen) zijn in de regio
- Gebruikmaken van de kennis en kunde die er al is in de regio
Meten is weten Om een goed
beeld te krijgen van de arbeidsmarkt binnen het agrofood- en tuinbouwcluster
zijn zo’n 400.000 baanmutaties door de onderzoekers verwerkt. Daarnaast werden
in groepsinterviews de mobiliteitsmotieven achterhaald van 130 leerlingen, 225
werkenden en 100 werkzoekenden. Dankzij al deze gegevens is het mogelijk een
betrouwbaar beeld te schetsen van de motivatie en het mobiliteitsgedrag van
werknemers en de mogelijkheden om dat mobiliteitsgedrag te beïnvloeden.
Nadere informatie Voor meer
informatie kunt u contact opnemen met ir. C. Lommers via telefoonnummer (070) 3
708 454 of e-mail c.lommers@hpa.agro.nl.
Eindrapport De resultaten zijn terug
te lezen in het onderzoeksrapport 'Verbinden op Mobiliteit in de
Agrofood & Tuinbouw'. U ontvangt deze hierbij. Dit rapport is ook te
lezen op www.productschapakkerbouw.nl, www.pdv.nl, www.tuinbouw.nl, www.pve.nl, www.prodzuivel.nl, www.pvis.nl
Dit project is een onderdeel van
Programma Arbeidsmarkt en Opleiding van de gezamenlijke productschappen mogelijk
gemaakt met ondersteuning van het ministerie van EL&I, uitgevoerd door
Linxx, EIM en Margriet Jongerius Management & Advies.
* De Productschappen Akkerbouw, Diervoeder, Tuinbouw, Vee & Vlees,
Pluimvee & Eieren, Vis en Zuivel
Bron: PVE
|